Rapport Remkes: ‘Wat wel kan – Uit de impasse en een aanzet voor perspectief’.

Vandaag, 5 oktober 2022, is uitgebracht het Rapport Remkes ‘Wat wel kan – Uit de impasse en een aanzet voor perspectief’.

Het kabinet is voornemens om op 14 oktober 2022 op hoofdlijnen een eerste reactie op dat rapport te geven.

In november 2022 zal dan de Tweede Kamer worden geïnformeerd over de hoofdlijnen van het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) met een verdere concretisering van de doelen en nadere uitwerking van de structurerende keuzes, en de toekomst van de landbouw.

Doormiddel van deze link kan nadere informatie worden gedownload.

Het gaat dan om:

– de Kamerbrief over het Rapport Remkes van de ministers voor Stikstof en Natuur en voor LNV aan de voorzitter van de Tweede Kamer (de tekst van de Kamerbrief van 5-10-2022 is hieronder weergegeven);

– de beslisnota bij Kamerbrief over het Rapport Remkes;

– het Rapport Remkes: “Wat wel kan – Uit de impasse en een aanzet voor perspectief”.

Leuke Eurobirdwatch op de Hoekse Sluis

Een paar buien en verder vooral mooie luchten. We hoefden ons niet te vervelen op de telpost: tussen 7.00 en 11.30 uur kwamen o.a. 1200 boerenzwaluwen, maar liefst 9 beflijsters, een paar groepjes pijlstaarten en twee groepjes middelste zaagbekken langs. Die laatste waren een verrassing, want het is in Nederland vooral een kustvogel. De zanglijster, met 1660 exemplaren, was de meest getelde vogel evenals in de rest van Nederland. De boerenzwaluw was de tweede meest waargenomen soort op onze telpost.

Totaal werden er 4022 vogels en 66 soorten geteld in bijna 11 uur. Al met al een geslaagde telling!

Klik hier voor het resultaat van de telling.

Foto header door Jaap Graveland

Minister Van der Wal ontvangt Aanvalsplan Landschap enthousiast

Gisteren werd het Aanvalsplan Landschap gelanceerd en overhandigd aan minister Van der Wal. Doel is om 10% van het landelijk gebied in te richten voor groene en blauwe landschapselementen. In 2030 moet de helft van deze ambitie zijn gerealiseerd. Uiterlijk in 2050 moet het groen-blauwe raamwerk klaar zijn.

Lees hier het volledige bericht van de Natuur en Milieufederaties.

En je vindt hier een toelichting op het plan, zoals aan de minister gepresenteerd door Petra Souwerbren, directeur Natuur en Milieu Gelderland, en door Albert van der Ploeg van BoerenNatuur.Downloaden

Heggen, bosstroken en natuurlijke oevers moeten over 8 jaar verdubbeld zijn

De herfst is begonnen, en daarmee hét seizoen om heggen, houtwallen en bosstroken te planten. Die hebben grote waarde voor het landschap en de natuur. Maar er is ook haast bij, om onze eigen klimaatdoelen te halen en aan Europese afspraken voor natuurbescherming te voldoen.

In 2030 moet ten minste 5 procent van het landelijk gebied bestaan uit “blauw-groene dooradering” – en in 2050 tien procent. Nu is dat 2 à 3 procent.

Met een woensdag gepresenteerd aanvalsplan moeten krachten worden gebundeld. Afzender is de Stichting Deltaplan Biodiversiteitsherstel, een samenwerking van wetenschappers, bedrijven, boeren en andere burgers die de natuurlijke soortenrijkdom van Nederland willen herstellen. Die gaat bij insecten, planten en vogels in rap tempo achteruit.

Een relatief eenvoudige manier om biodiversiteitsverlies te stoppen en zelfs om te draaien, is het terugbrengen van zogeheten landschapselementen. Dat is een verzamelterm voor allerlei vaak levende objecten en afscheidingen, zoals knotwilgen, losse bomen, smalle bosstroken, natuurlijke oevers, hoogstamboomgaarden en heggen.

Lees hier het artikel verder.

Door: Rolf Schuttenhelm

Foto header: Valentijn te Plate, Vereniging Nederlands Cultuurlandschap

Groenalliantie vergroot biodiversiteit

Groenalliantie zet de komende periode met het programma ‘Groen voor iedereen’ nog meer in op het vergroten van biodiversiteit in haar natuur- en recreatiegebieden, waaronder het Loetbos bij Lekkerkerk en recreatiegebied Krimpenerhout bij Krimpen aan de Lek. 

De afgelopen jaren heeft Groenalliantie de recreatieve voorzieningen in de natuur- en recreatiegebieden gemoderniseerd door de aanleg van nieuwe paden, speelvoorzieningen en aantrekkelijke entrees. “In deze gebieden gaan we nu extra investeren in de natuurwaarden en biodiversiteit, zodat de bezoeker de komende jaren kan blijven genieten van de flora en fauna”, geeft boswachter Ties Ittmann aan. “Dit doen we op meerdere manieren.”

Verder lezen https://www.hetkontakt.nl/

Bron: Het Kontakt Krimpenerwaard

Foto header: berm Kerkweg naar Loetbos met grote ratelaar

Heempad journaal 58

Hans van Dam woont en werkte in Boskoop. Hij is actief voor IVN Boskoop en Natuurtuin De Veenmol. Zijn roots liggen in de Krimpenerwaard. Het HPJ is de onafhankelijke nieuwsbrief van Vrienden van het Heempad (VvhH) Boskoop en vele onderwerpen die Hans aandraagt, raken ook onze harten.

In deze nieuwsbrief o.a: pijlstaartvlinders op bezoek en de roodborsten zijn weer terug. Hans gaat uitgebreid in op de Nationale Klimaatweek 2022 die 31 oktober t/m 6 novemberis loopt, met vragen als: ‘Waarom een Nationale Klimaatweek?’ ‘Wat kunnen we verbeteren aan ons koopgedrag?’ En tips’als; ‘Lijst van aanpak voor een schone, groene en leefbare wereld (je kan afvinken wat je al doet.” en shoppen in onze kledinkast.

Verder lezen:

Tekst Hans van Dam

Nationale Vogel de grutto blijft steeds langer in Nederland

De grutto vertrekt steeds later naar het zuiden en komt vaker eerder terug naar de Nederlandse weilanden, waarmee de vogel steeds langer in Nederland verblijft. “Wellicht kunnen we over niet al te lange tijd het hele jaar door onze Nationale Vogels zien”, aldus weidevogelonderzoeker Jos Hooijmeijer van de Rijksuniversiteit Groningen zondagochtend in het programma Vroege Vogels op NPO Radio 1.

Er worden nu al het hele jaar door grutto’s gezien, maar dat is de variant die op IJsland broedt. De vogel die in onze weilanden broedt, is de Noordwest-Europese variant van de grutto. De eerste ‘Nederlandse’ grutto werd dit jaar op 14 februari gespot in Friesland. Een record voor de provincie, het landelijk record staat nog altijd op 12 februari.

Grutto’s overwinteren vooral in Afrika en komen na een tussenstop in Spanje of Portugal terug naar Nederland. De weidevogels hebben het steeds lastiger tijdens die tussenstop vanwege de droogte, aldus Hooijmeijer. “Bijvoorbeeld in het natuurgebied Doñana in Spanje wordt heel veel grondwater onttrokken door telers van aardbeien en ander fruit.”

“Die voorheen illegale waterputten zijn onlangs door de regering van de regio Andalusië gelegaliseerd. Maar daardoor is er voor de grutto’s en andere vogels in dit natuurgebied steeds minder te eten in de verdrogende bodem.”

Aantal broedparen neemt af

Verder benadrukt Hooijmeijer dat de grootste problemen voor de grutto bij ons liggen. “Ze krijgen gewoon niet voldoende jongen groot om de aantallen op peil te houden. Wij zullen er echt alles aan moeten doen om bijvoorbeeld met natuurinclusieve landbouw ervoor te zorgen dat de vogels voldoende tijd krijgen om eieren uit te broeden en de kuikens voldoende insecten vinden”, aldus Hooijmeijer.

In 2020 werd bekend dat het aantal broedparen van de grutto in twintig jaar gedaald was van 60.000 naar 30.000. Meer dan de helft van alle grutto’s ter wereld broedt in Nederland.

In 2015 koos het publiek de grutto tot Nationale Vogel. De verkiezing was door Vroege Vogels in het leven geroepen.

Bron: Door NU.nl/ANP

Foto header door Peter Stam

Onderzoek: welke bomen helpen ons het best?

Dat bomen nuttig zijn om hitte-eilanden te voorkomen is al langer bekend. Nu wordt voor het eerst onderzocht welke bomen het meest helpen. Klimaatverandering stelt onze bomen op de proef. Tegelijkertijd hebben we juist die bomen steeds harder nodig in een veranderend klimaat. Wageningen University Research bekijkt welke stadsbomen we het beste kunnen planten.

Hier kan je het bericht van Binnenlands Bestuur verder lezen.

Illustratie header: https://oost-online.nl/

PBL: leefomgevingskwaliteit Nederland blijft structureel onder druk staan

De leefomgevingskwaliteit van Nederland schiet nog steeds structureel en op meerdere indicatoren tekort. Het gaat onder meer om fijnstof, opwekking van hernieuwbare energie, waterkwaliteit en natuurkwaliteit. Er is onvoldoende samenhang in de aanpak van deze problemen. Dat concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving in de Monitor van de Nationale Omgevingsvisie 2022, een tweejaarlijkse uitgave. 

De kwaliteit van onze leefomgeving moet verbeteren, stellen de onderzoekers. Sterker nog: er moet meer reserve komen in de doelen van de leefomgevingskwaliteit van Nederland. Dat vergt een zekere overmaat aan kwaliteit. Alleen dan kunnen wonen, werken, landbouw en natuur zich sneller en met meer flexibiliteit ontwikkelen. 

Hier kunt u het bericht verlezen van het Planbureau voor de Leefomgeving.

Amerikaanse rivierkreeften op meer plekken dan in voorgaande jaren

Bij de jaarlijkse kreeftenmonitoring zijn in Schieland dit jaar op meer plekken en in een groter gebied Amerikaanse rivierkreeften aangetroffen dan in 2020 en 2021.

De verandering is vooral aan de noordkant van het gebied en gaat om kleine aantallen. In de Krimpenerwaard is de situatie vergelijkbaar met voorgaande jaren.

In Schieland en de Krimpenerwaard volgen we sinds 2020 de aanwezigheid van uitheemse rivierkreeften (kreeften die van nature niet voorkomen in Nederland). De onderzoeksresultaten van 2022 bevestigen, dat in een groot deel van ons gebied Amerikaanse rivierkreeften leven. Dat is zorgelijk, want de dieren zorgen voor overlast en schade, met name voor boeren in de Krimpenerwaard. De kreeften graven gangen en holen, waardoor oevers verzwakken, afbrokkelen en er meer bagger ontstaat. Ook eten ze veel kleine waterdieren en verknippen waterplanten die voor zuurstof en helder water zorgen Dit alles leidt tot achteruitgang van de waterkwaliteit en biodiversiteit en tot extra kosten voor baggeren en het herstellen van oevers.

Ont­wik­ke­ling blij­ven vol­gen

Dit jaar zijn op meer Schielandse onderzoekslocaties kreeften gevonden. In de Krimpenerwaard zaten kreeften op vrijwel alle onderzoekslocaties en het aantal was meestal groter dan op de onderzochte locaties in Schieland. De situatie in de Krimpenerwaard is vergelijkbaar met de eerdere onderzoeksjaren 2020 en 2021. De komende jaren willen we de ontwikkeling gebiedsbreed blijven volgen. Het zou goed zijn als andere waterschappen ons voorbeeld volgen. Mogelijk helpt het onderzoek ook om te begrijpen waarom de kreeften op sommige plaatsen wel of niet voorkomen. Dat kan aanwijzingen geven voor maatregelen die mogelijk kunnen worden genomen, al dan niet door derden. Sowieso kan de kennis over de aanwezigheid van de dieren worden benut in het beleid en bij de werkzaamheden van het waterbeheer.

Per soort tel­len en meten

We onderzoeken waar en welke rivierkreeften voorkomen, in welke aantallen en of zij zich uitbreiden of verspreiden naar andere leefgebieden. In 2022 deden we onderzoek op 114 locaties; 49 in Schieland en 65 in de Krimpenerwaard. Het zijn dezelfde plekken waar we ook ieder jaar de aanwezigheid van waterplanten onderzoeken. Voor het kreeftenonderzoek worden op elke locatie twaalf kreeftenkorven met aas geplaatst. Na een nacht worden de korven geleegd, om per soort de kreeften te tellen en te meten. Dit jaar werden op de meeste locaties tien tot veertig kreeften gevonden. De grootste aantallen zaten rond Berkenwoude in de Krimpenerwaard en in Moordrecht in Schieland.

Naast rode ook ge­vlek­te en ge­streep­te Ame­ri­kaan­se ri­vier­kreef­ten

In het derde achtereenvolgende onderzoeksjaar troffen de onderzoekers weer vooral rode Amerikaanse rivierkreeften aan. Op een aantal plekken kwam ook de gevlekte en/of de gestreepte Amerikaanse rivierkreeft voor. De geknobbelde Amerikaanse rivierkreeft, die in 2020 op twee locaties voorkwam, is dit jaar niet waargenomen in het onderzoeksgebied.

Meer­ja­ri­ge weg­vang­proef

In wateren hier verstoren Amerikaanse rivierkreeften de natuurlijke balans. Door hun gegraaf en vraatzucht verdwijnen waterplanten en -dieren en ontstaat een soort kale onderwaterwoestijn. Sinds 2021 voeren we een meerjarige proef uit in de Krimpenerwaard. Met de proef onderzoeken we de mogelijkheden, effectiviteit en haalbaarheid van het intensief wegvangen van Amerikaanse rivierkreeften.