20150317 kaart 1 kern- en kansgebieden

De NVWK heeft op de plannen van .... een zienswijze ingediend.

De natuurtaken zijn in 2013 gedecentraliseerd van het Rijk naar de provincies. Vanaf 4 februari tot en met 18 maart 2015 lag het Ontwerp-Natuurbeheerplan 2016 van de provincie Zuid-Holland ter inzage. In het Natuurbeheerplan (NBP) staat het huidige en gewenste beheer beschreven voor de Natura 2000-gebieden, het Natuurnetwerk Nederland (NNN) en agrarische gebieden met natuurwaarden. De provincie zet met prioriteit in op behoud van de weidevogelpopulaties omdat het gevaar van uitsterven voor die diergroep bij voortzetting van het huidige beleid heel reëel is. De maatregelen voor weidevogelbescherming op gebied in agrarisch eigendom zijn daarmee ook direct van belang voor onze vrijwillige weidevogelbeschermers. De NVWK heeft hiermee belangrijke drijfveren om kritisch naar dit nieuwe overheidsbeleidsplan te kijken. Geen Krimpenerwaard zonder weidevogels! Bij bestudering vonden we een aantal onduidelijkheden en hiaten die in onze visie opnieuw ruimte lieten voor ineffectief beheer. Om die reden heeft de NVWK gebruik gemaakt van de mogelijkheid om zienswijzen op het Ontwerp-NBP 2016 in te dienen. Het beleid moet ons inziens hier en daar flink aangescherpt worden om de internationale doelen te halen, en om onze weidevogels te kunnen behouden. De grootste problemen beginnen vooral ná de nestfase; er worden niet voldoende kuikens groot. De ideale omstandigheden voor het opgroeien van jonge weidevogels hangen samen met de (grond)waterstand, bemesting en het maaibeleid.

De provincie schrijft: “Het grootste verschil tussen het Natuurbeheerplan wat geldt tot en met 2015 en het plan vanaf 2016 is de wijziging van het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer. Voor het Natuurnetwerk Nederland zijn alleen enkele wijzigingen in overleg met de natuurbeheerders op de kaart aangepast.

Kern van het vernieuwde stelsel voor agrarisch natuur- en landschapsbeheer is dat de provincie de doelen vaststelt voor het agrarisch natuur- en landschapsbeheer en dat streekgebonden agrarische collectieven hier gezamenlijk invulling aan geven op basis van hun kennis en betrokkenheid. Dit moet leiden tot een samenhangend beheer van agrarische natuurgebieden dat meer dan voorheen bijdraagt aan de doelen van het internationale, nationale en provinciale natuur- en landschapsbeleid. Met name op gebied van behoud van biodiversiteit en van aantrekkelijke agrarische landschappen.

Natuurnetwerk Nederland (NNN) is de nieuwe benaming voor het geheel van de natuurgebieden en hun verbindingen (voorheen de Ecologische Hoofdstructuur). In het Natuurbeheerplan begrenst en beschrijft de provincie de gebieden waar subsidiëring van beheer en ontwikkeling van natuur, agrarische natuur en landschapselementen plaats kan vinden en welke natuur- en landschapsdoelen hiermee worden behaald. De begrenzing is aangegeven op twee kaarten: de beheertypenkaart en de ambitiekaart. De bevoegdheid voor het vaststellen van het Natuurbeheerplan 2016 ligt bij Gedeputeerde Staten (GS) van Zuid-Holland.”

Dit laatste zal rond 15 april 2015 gebeuren.

De provincie Zuid-Holland heeft bij monde van de ambtenaar die belast is met o.a. het agrarisch natuurbeheer, te kennen gegeven dat wanneer er zienswijzen worden ingediend die gedragen worden door gebiedspartijen, de provincie die één op één wil overnemen. Dit helpt mee om het gesprek tussen de (inmiddels acht gecertificeerde) collectieven en gebiedspartijen zoals de vrijwilligersorganisaties (bijvoorbeeld de NVWK), de terreinbeherende organisaties (zoals bij ons het Zuid-Hollands Landschap) en bijvoorbeeld de waterschappen te stimuleren. Het is tevens een garantie voor de provincie dat plannen worden gedragen door de belanghebbenden en ze probeert hiermee natuurlijk latere problemen te voorkomen.

Voor ons was het een goede reden om afstemming te zoeken met het inmiddels gevormde Agrarisch Collectief Krimpenerwaard, bestaande uit de Agrarische Natuurvereniging Weidehof, de afdeling LTO-Noord en de DWLK. Tot nu hebben we gesproken met twee vertegenwoordigers van dit collectief. In het hele proces waarin elk collectieven moet komen tot een gedragen Gebiedsaanvraag (nu gepland op 1 juli) voor vergoedingen voor agrarisch natuurbeheer - waar weidevogelbescherming onder valt - vanaf 2016 tot 2021, is het de bedoeling dat de gebiedspartijen gezamenlijk optrekken. De provincie gaat niet vastleggen hoe de verenigde agrariërs dit moeten aanpakken, maar laat de collectieven komen met een aanbod.

De NVWK en het Agrarisch Collectief Krimpenerwaard konden na een paar gesprekken met als gezamenlijk doel het behouden van de weidevogels in de Krimpenerwaard, tot overeenstemming komen om de zienswijzen voor 100% samen in te dienen. Dat is best een prestatie van formaat, waar we beiden trots op zijn.

Ook zwarte stern-specialist Jan van der Winden kon zich vinden in de zienswijzen en ondersteunt ze allemaal. Het Zuid-Hollands Landschap kon een aantal zienswijzen (ze zijn genummerd) wel onderschrijven, maar op de valreep ontbrak hen de tijd om aan te geven welke dat zijn. Dit vinden we erg jammer en een gemiste kans voor nog bredere steun vanuit ons gebied als een mooi signaal naar de provincie.

Onze zienswijzen kunt u hiernaast downloaden, met twee kaarten die daarbij horen als bijlagen.

Het Ontwerp-Natuurbeheerplan 2016 bestaat uit een tekstdocument en zes van de acht (deel)kaarten, die u hiernaast kunt downloaden. De overige twee kaarten beslaan alleen Zuid-Hollandse gebieden buiten de Krimpenerwaard.

Geplaatst op 19 maart 2015