694

Gemeente Krimpenerwaard licht bewoners onjuist voor: beoogde oeververbinding naar Ridderkerk maakt files juist langer. Een beter plan dan een brug over de Lek is mogelijk, dat stelt de Natuur- en Vogelwerkgroep Krimpenerwaard. De NVWK roept de gemeenten en de ondernemers op samen plan B uit te werken. De NVWK heeft tenminste drie redenen voor die uitnodiging 1) de gemeenten Krimpenerwaard en Krimpen aan den IJssel lichten hun bewoners niet goed voor over de gevolgen van een oeververbinding naar Ridderkerk, 2) de vervoersondernemers hebben helemaal geen voordeel van een brug naar Ridderkerk en 3) er is wel degelijk een plan voor een oeververbinding die wl tot filevermindering leidt.

1) Gemeenten geven onjuiste informatie

Deze zomer wordt door de overheid een besluit genomen over het oplossen van het verkeersknelpunt de Van Brienenoordbrug. Er zijn twee mogelijke oplossingen: een nieuwe oeverbinding naar Feijenoord of een van Ridderkerk naar de Krimpenerwaard. Om nu eindelijk tot een oplossing te komen voor de flessenhals van de Algerabrug zet de gemeente Krimpenerwaard in op de brug naar Ridderkerk.
Een verbinding naar Feijenoord scoort echter het best op de gekozen criteria, vooral als het gaat om ontlasting van de Van Brienenoordbrug. Daarom heeft de gemeente een ‘gebiedsbod’ ingediend: de bouw van 4000 extra woningen, om financieel bij te kunnen dragen aan een oeververbinding en als gebaar naar de stad Rotterdam waarvan het inwonertal blijft groeien .

Maar een oeververbinding naar Ridderkerk leidt juist tot extra reistijd. Bovendien raakt de N210 in de Krimpenerwaard nog verder overbelast. Dat staat in het basisrapport verkeer van het MIRT: de ‘Resultatennota pre-verkenning Oeververbindingen regio Rotterdam' op pagina 30, zie (https://mrdh.nl/project/mirt-verkenning-oeververbindingen-regio-rotterdam)

Dat komt onder andere omdat bewoners van omgeving Capelle deze verbinding veel gaan gebruiken. Dit alles nog zonder het extra verkeer vanuit de 4000 extra woningen!

Econoom Bas van Holst uit Capelle heeft veel ervaring met dergelijke projecten; hij heeft dit ook gesignaleerd en roept partijen op de kosten en baten van de twee oeververbindingen beter af te wegen. (http://www.mejudice.nl/artikelen/detail/oostelijke-stadsbrug-rotterdam-is-luxe-geen-noodzaak

Maar in het eigen rapport dat de gemeente Krimpenerwaard voor het gebiedsbod heeft laten opstellen is over de langere reistijden niets te vinden. Zie p. 75 van ‘190326_Gebiedsbod Krimpenerwaard_DEF CONCEPT_bijlagen’. Te downloaden van de gemeentesite, bij de raadsstukken van 2 april: https://ibabsonline.eu/Kalender.aspx?site=krimpenerwaard

De gemeente heeft vanaf het begin aangegeven dat de ontsluiting van de Krimpenerwaard door deze oeververbinding verbetert, maar dat is dus pertinent onjuist. De gemeente Krimpen aan den IJssel heeft inmiddels zich achter het gebiedsbod van de gemeente Krimpenerwaard geschaard.

De NVWK heeft de beide gemeenten een brief over dit onderwerp gestuurd.

2) De transportondernemers lobbyen voor de brug naar Ridderkerk

De laatste week verschenen diverse berichten in de media, waarin de transportondernemers sterk pleiten voor de brug. Ook zij doen het voorkomen alsof de ontsluiting voor de bewoners verbetert. Zie:

https://www.ad.nl/rotterdam/vervoerders-wij-willen-een-brug-naar-de-krimpenerwaard~a24897d7/

En: https://www.ad.nl/rotterdam/krimpenerwaardbrug-lost-meer-problemen-op-dan-stadsbrug~a4a5cb81/

Transportondernemers plannen hun ritten doorgaans vóór de ochtend- en voor of na de avondspits. Voor hen biedt de brug weliswaar een snellere en iets kortere route naar het zuiden. Maar de bewoners zijn dus straks de klos vanwege alle extra verkeer tijdens en rond de spitsuren. Reizen buiten de spits kan. Maar dat kan nu ook zonder noemenswaardige problemen. Dat zou een brug helemaal overbodig maken.

3) Een extra brug over de IJssel levert wél een betere ontsluiting

De NVWK spreekt veel met betrokken bewoners. Een van hen is verkeersdeskundige. Hij kent de lokale situatie goed en heeft een alternatief voorstel uitgewerkt voor de files bij de Algerabrug, namelijk een extra brug over de Hollandse IJssel ter hoogte van Stormpolder. Deze brug is veel korter dan een brug naar Ridderkerk, veel goedkoper en ook nog eens veel aantrekkelijker voor de scheepvaart. Bekostiging van de brug door de bouw van extra woningen is dan niet nodig. De brug trekt veel minder verkeer uit de richting van Capelle aan. Het verkeer kan kiezen tussen een route via de Algerabrug of de nieuwe brug; daardoor is er geen oponthoud als een schip moet passeren. Bovendien zorgt een afrit voor betere bereikbaarheid van het industriegebied Stormpolder en wordt de N210 extra ontlast.

Deze oplossing staat niet in de Verkenning-oeververbindingen Rotterdam omdat die vooral is gericht op het ontlasten van de Van Brienenoordbrug. Daar draagt deze brug weliswaar weinig aan bij, maar het is een mooie en financieel aantrekkelijke oplossing voor de problemen rond de Algerabrug. Een extra oeververbinding naar Feijenoord is voor ontlasten van de Van Brienenoordbrug sowieso de veel betere oplossing, zoals een andere conclusie uit het MIRT-verkeersrapport luidt.

Gemeenten en ondernemers: werk met bewoners een beter plan uit

Een nieuwe oeververbinding langs Feijenoord is veel kansrijker dan een langs Ridderkerk. Het risico dat de Krimpenerwaard straks met lege handen staat is dus groot. We hebben een plan nodig waarvoor meer draagvlak bestaat, dat wél tot betere ontsluiting leidt en dat minder duur is. Dat maakt veel meer kans gerealiseerd te worden. Een plan dat bovendien de bouw van duizenden woningen in de Krimpenerwaard overbodig maakt, zodat landbouw, natuur en landschap gespaard worden. Dat kan dus met een extra brug over de IJssel. Ook dit plan B levert schade op voor natuur, maar veel minder dan het alternatief van het gebiedsbod, en daarom acht de NVWK dit plan verantwoord.

Gemeenten, licht uw bewoners beter voor, neem uw verantwoordelijkheid en praat met ondernemers en bewoners over een beter plan zoals dit, een bod dat het Rijk, provincie en Rotterdam niet kunnen weigeren.

 

Geplaatst op 29 mei 2019