Proeftuin adaptieve landbouw_natte teelt (16)_red

Door de droge en warme zomer daalde onze veenbodem dit jaar ca 2 cm, tegen 1 cm gemiddeld. “Natte teelten’ stoppen de bodemdaling. Lisdodde (de bekende ‘rietsigaar’) lijkt het meest kansrijk, en vergroot misschien de biodiversiteit

Veen klinkt in en oxideert (verbrandt) bij blootstelling aan de lucht. De klimaatverandering versnelt dit proces, want het wordt droger en warmer. Natte teelten kunnen een oplossing zijn. Het water staat dan net boven het maaiveld waardoor inklinking en oxidatie stoppen. In het Groene Hart lopen experimenten met wilg, pijlkruid, cranberry en grote lisdodde (Typha latifolia). De wilgenproductie is laag, pijlkruid is gevoelig voor eendenvraat (de Engelse naam is duckweed) en het resultaat voor cranberry is nog onduidelijk (erg onkruidgevoelig).

Maar de resultaten met lisdodde zijn hoopgevend. In Duitsland is het al een reguliere teelt. De plant biedt veel mogelijkheden. Als pionierplant groeit hij prima in de slappe bagger in onze polderwateren, en stelt weinig eisen. Koeien eten de wortelstokken graag, als aanvulling op gras en mais. De vezels worden gebruikt voor vezelplaat, tafelbladen, etc. en het pluis vormt een licht en brandveilig isolatiemateriaal. En zoals dat vaker gaat bij innovatieprojecten: wie zoekt die vindt wat. In dit geval: Koppert, wereldmarktleider in de biologische bestrijding, hoorde toevallig (nou ja) op een innovatiebeurs dat lisdodde veel stuifmeel produceert. Koppert importeert al tientallen jaren stuifmeel uit China. Het is noodvoedsel voor roofmijten, belangrijke bestrijders van spintmijten in kasteelten, in perioden dat er weinig spintmijten zijn. Maar leveringszekerheid en verontreiniging met bestrijdingsmiddelen vormen problemen. Nu onderzoekt het Veenweide Innovatie Centrum met Koppert of stuifmeel uit Nederlandse lisdodde een goed alternatief is.

Lisdodde producten door Jaap Graveland. De ‘sigaren’ van Grote lisdodde leveren prima isolatiemateriaal.

Maar er is meer: lisdodde groeit erg hard en onttrekt veel voedsel aan het water en de bodem. Dat maakt de plant geschikt voor waterzuivering. En misschien zelfs voor het snel verschralen van de bemeste landbouwgrond, zodat dit kan worden omgezet in kruidenrijk grasland. En dat is weer goed voor flora, insecten en weidevogels.

De buidelmees wist dat al: hij gebruikt het om er zijn nest mee te bouwen (foto Dirk-Jan van Roest).

Tekst: Jaap Graveland
Foto header: Het proefveld bij polder De Nesse door Jaap Graveland.

Geplaatst op 1 december 2018