EYAS4141

Op vrijdag 30 maart 2018 zijn in de Krimpenerwaard bij Bovenberg de eerste vluchten gemaakt met de Weidevogeldrone die door het Agrarisch Collectief Krimpenerwaard is aangeschaft. Na een lange aanloopperiode kunnen we de drone eindelijk in gebruik gaan nemen!

Half maart zijn de potentiële Weidevogeldrone-vliegers afgereisd naar Bentelo voor de praktijkcursus. Een spannend moment, want hoe moeilijk of makkelijk zal het vliegen met de drone zijn? Dat blijkt in de praktijk - met enige oefening - eigenlijk best wel mee te vallen: de drone hangt heel stabiel in de lucht en 'zonder handen' behoudt de drone zelf zijn positie. De besturing reageert heel nauwkeurig en invloeden van buitenaf zoals wind(vlagen) worden door het apparaat zelf gecorrigeerd. Onze vijf vliegers zijn geslaagd voor de cursus en dus kunnen we de lucht in!

Maar met alleen vliegen zijn we er nog niet, het uiteindelijke doel is het opsporen van nesten en kuikens in het veld met behulp van de warmtebeeldcamera. Daarvoor kunnen twee manier van vliegen worden ingezet: volautomatisch en manueel. Bij volautomatisch vliegen wordt van tevoren op een iPad het te vliegen gebied gemarkeerd op een kaart. Met behulp van een aantal parameters kan daarna het ideale vliegpad worden ingesteld. In het veld druk je vervolgens op 'start' en de drone doet alles zelf: opstijgen, het vliegpad vliegen en weer terugkeren. Zelfs landen zou automatisch kunnen, maar dat gebeurt toch manueel, omdat de drone niet zelf kan inschatten of het veilig is om te landen (bijvoorbeeld als er een fietser aan komt).

 

Deze manier van vliegen zullen we vooral in het begin van het weidevogelseizoen toepassen, waarin we zoveel mogelijk hectares willen 'scannen': zitten er nesten of niet? En áls er nesten zitten, waar zitten ze en hoeveel zijn het er? De volautomatische manier van vliegen is daar erg geschikt voor. Je kunt al tijdens het vliegen het beeld van de warmtebeeldcamera zien en de door de drone opgenomen beelden (9 per seconde) worden achteraf ook in de analysesoftware verwerkt. Deze software gaat op basis van allerlei kenmerken (grootte, vorm etc.) bepalen of de gevonden 'hotspots' wel of geen nest kunnen zijn. Na een handmatige controle kunnen de gevonden nesten vervolgens doorgezet worden naar het portaal van LandschappenNL.

Daar komen de resultaten in te staan als gevonden nest van een onbekende soort. De drone kan namelijk niet bepalen of de eieren van een kievit of van een grutto zijn, daar zal handmatige controle voor nodig zijn. Dat zou betekenen dat er iemand ter plekke in het veld moet kijken en die nestbezoeken willen we juist proberen te verminderen! Echter, voor de bescherming van nesten is het belangrijker dát er wat zit, dan dat je heel precies weet wát er zit. Bovendien kun je - als je weet dát er wat zit - door observaties vanaf de kant ook aardig inschatten wát er zit. Of er dan precies vier of vijf kieviten broeden is minder relevant...


In het beste geval wordt (een deel van) een perceel in z'n geheel met rust gelaten als er nesten zijn gevonden, maar in de praktijk zal dat niet in alle gevallen mogelijk zijn. In sommige gevallen zul je wel het veld in moeten om nesten te markeren, bijvoorbeeld als er werkzaamheden uitgevoerd moeten worden op het betreffende perceel. Omdat met de drone de exacte GPS locaties al zijn vastgesteld, kunnen die veldbezoeken wel van kortere duur zijn.

Wat verder in het seizoen, als de kuikens in het veld lopen, zal er meer manueel gevlogen gaan worden. In die fase willen we kuikens opsporen die bijvoorbeeld op percelen lopen die gemaaid moeten worden. De inzet zal dan dus veel meer ad hoc zijn, daar waar het nodig is. Zo kunnen we de boeren of loonwerkers aanwijzigingen geven om stukken te laten staan of kunnen we proberen kuikens over te zetten naar een naastgelegen perceel. Op die manier hopen we dat er meer kuikens gespaard blijven en dus ook vliegvlug worden. Deze variant hebben we vooralsnog alleen uitgedacht op papier (mede op basis van ervaringen van andere gebruikers), de prakijk zal uit moeten wijzen hoe succesvol we hierin zullen zijn.


Voorgaande geeft een beeld van hoe we als NVWK en ACK de drone in willen gaan zetten. De groep van vijf vliegers is met enorm veel enthousiasme en gezelligheid begonnen aan het traject en de eerste vluchten hebben we dan ook als groep gemaakt. Mariëlle van het ACK zorgde voor koffie en koek, tijdens het volautomatisch vliegen heb je daar dus tijd voor... Natuurlijk moeten we nog wel veel leren en zijn er kinderziektes. Zo hebben we nog maar twee van de zes accu's in huis en is de vliegduur daarom beperkt. Ook zijn er nog wat opstartproblemen met de software. Daarnaast zijn ook de logistiek en de planning een flinke uitdaging. We proberen steeds meer stukjes van de puzzel aan te leggen en hopen aan het einde van het seizoen terug te kunnen kijken op een succesvol eerste (leer)jaar met mooie resultaten!

 

Tekst en foto header: Bernard de Jong
Overige foto's: Agrarisch Collectief Krimpenerwaard

Geplaatst op 4 april 2018