Onopvallend broedend op een hoop dor gras en takken

Er is geen seizoen waar in er zoveel dieren dood gaan als in de lente. “Door die eksters en kraaien komt er geen vogel groot” hoor ik vaak. Maar dat klopt niet, want we zien maar een deel van de werkelijkheid.

Op ons erf broedden twee eenden. Het waren er drie. Maar één nest was een snel gedraaide nestkuil in het speenkruid, lag open en bloot, en het bruine vrouwtje stak af tegen de groene speenkruidblaadjes. Ik moest er regelmatig langs. Als ik er langs liep vloog de eend er af, de witte eieren onbedekt latend. Binnen drie dagen was het nest gepredeerd. Ongetwijfeld door een ekster: er broedden twee paartjes, aan weerszijden van ons erf.

Gepredeerd nest in het speenkruid

Een andere eend broedde bovenop een hoop takken en gras. Elke dag keek ik even van een afstandje, dan stak ze haar kop stiekem omhoog om te zien wat er naderde, maar bleef zitten. Ze was nauwelijks te zien, haar schutkleur paste perfect bij het dorre gras.

Op 1 mei was het nest leeg, even verderop zwom moedereend, met acht piepkleine jongen dicht om haar heen.

 Succes – acht nieuwe eendjes

Het derde vrouwtje broedt in een gat onder een takkenstapel, dat ik eigenlijk voor egels had gemaakt. Zij vliegt nooit van het nest, ook niet als ik vlak bij ben. Ze vertrouwt erop dat ik haar niet zie. Terecht, ik ontdekte het nest alleen omdat ik die gaten inspecteer en het gras ervoor licht betreden was.

Nest goed verscholen onder een takkenstapel

Dus: eksters vinden doorgaans de makkelijk vindbare nesten. Die vinden wij zelf ook het snelst en die nesten worden vaak gepredeerd. Door onze verstoring vergroten we de kans op predatie zelfs, dat is al vaak aangetoond. Kortom: er worden veel minder nesten gepredeerd dan blijkt uit de paar nesten die wij vinden. Deze link naar onze site toont een filmpje van een vrouwtje bergeend die onder in een takkenril broedt. Al die nesten die de eksters (en wij) niet vinden vormen het begin van nieuw leven.

Foto header; eend onopvallend broedend op een hoop dor gras en takken, door Jaap Graveland

 

 

Geplaatst op 11 mei 2016