_LMF1708

In februari 1979 – ik was 18 - fietste ik van Wageningen naar de Flevopolder om vogels te kijken. 70 kilometer, en weer terug. Ik zag toen één grote zilverreiger. Die was toen superzeldzaam, dus ik had een goede dag.

19 december 2015. Vandaag is weer een landelijke slaapplaatstelling van de Grote Zilverreiger. Wij tellen Spaansche Zee, een moerasbosje vlak bij Berkenwoude. Een telling duurt van een half uur vóór tot drie kwartier na zonsondergang. We moeten dus om 16.00 uur beginnen.
We spreiden onze plastic zakken neer, om geen natte kont te krijgen. In de weilanden zit maar een enkele reiger, een slecht teken. Om tien over vier zitten er twee in de bomen op de slaapplaats. Maar opeens duikt een vissersbootje op. Weg reigers.
De hele tijd zien we niks. Maar dan komen ze vanaf 16.53 u opeens binnen. Na tien minuten staat de teller op 100! Alleen, ze blijven maar rondjes draaien, een indrukwekkend gezicht, maar waarom landen ze niet? Opeens vertrekt de hele groep richting Loetbos. Pech voor ons. Daar is ook een bekende slaapplaats, waar ook tellers klaar zitten. Vijf minuten later komt er een groep van 65 vogels terug en landt. Gelukkig. Tien minuten later, het is bijna donker, voegen zich nog een groep van 37 en 8 vogels bij hen. De teller staat op 110! Een superresultaat.
Later op de avond horen we dat de tellers bij Kattenblokboezem opeens ‘hun’ 35 reigers kwijt waren, die zaten dus bij ons. En dat de grote slaapplaats in het Loetbos leeg bleef. De 100-65 = 35 vogels die we nog misten zijn in Het Veen geland. Het is een nieuwe slaapplaats en we tellen er voor het eerst.

De grote zilverreiger eet vis, kikkers, muizen en mollen. Foto door Adri de Groot, www.vogeldagboek.nl

Elke winter zitten er nu meer dan 200 zilverreigers in de Krimpenerwaard. In heel Nederland zitten er 6000. Er is veel veranderd in 35 jaar. In februari gaan we weer tellen. Wil je meedoen? Mail dan naar: column@nvwk.nl

Foto header door Leo Markensteijn

 

Geplaatst op 20 januari 2016