Waardvogel 2008, nr. 3
Waardvogel 2008, nr. 3 - Gamma-uilen Print
Onderwerp index
Waardvogel 2008, nr. 3
Op de voorpagina
Voorjaarsverslag
Vlinder- en libellennieuws
Gamma-uilen
Zwaluwnieuws
Alle pagina's

Gamma-uilen

Paul Schrijvershof

Wanneer je door het de vegetatie loopt kan het je gebeuren dat er plotseling een bruine vlinder opvliegt die na een snelle wilde vlucht vrijwel verticaal weer ergens tussen de halmen neerstrijkt. Wanneer je heel voorzichtig naderbij sluipt en goed zoekt dan kun je de vlinder in beeld krijgen. Vaak blijkt het dan te gaan om de gamma- uil Autographa gamma. Maar deze vlinders kun je ook nectar drinkend tegen komen bij bloemen zoals van de vlinderstruik.

 



Foto: Jan Willem de Jong


Kenmerkend voor deze uilen is dat zij in rust de vleugels dakvormig omhoog houden. De voorvleugel is bruin en grijs gemarmerd en heeft soms een paarsachtige tint. Het belangrijkste kenmerkt is de opvallende zilverkleurige ongebroken Y-vormige vlek in het midden van de voorvleugel. Dit teken lijkt op de Griekse letter gamma. Vandaar de naam. Zowel de grootte van de vlinder als de kleur van de voorvleugel kan sterk vari�ren.

Trekvlinder De gamma-uil is na de atalanta onze bekendste trekvlinder die verspreid over het hele land voorkomt. Hoewel gamma-uilen zowel overdag als 's nacht actief zijn, schijnen zij bij voorkeur 's nachts te trekken. De vlinders zijn afkomstig uit Zuid- tot Zuidoost-Europa en het subtropisch mediterraan gebied. Vlinders in Spanje bleken na een duidelijke temperatuurstoename en zuidelijke winden op noordwaartse trek te gaan.
Elk jaar wordt het hoogte punt van de trek vastgesteld in juni en juli. Net als bij de distelvlinder kunnen de aantallen die ons land bereiken van jaar tot jaar sterk wisselen.
De soort plant zich hier ook voort. De rupsen leven op allerlei kruidachtige planten, waaronder braam, klaver, brandnetel, walstro en landbouwgewassen zoals aardbei, tomaat, erwt, kool en boon.
Vanaf juli zijn er al hier geboren dieren gemengd onder de trekvlinders. De grootste aantallen worden gezien in augustus en september. De soort overwintert in zachte winters soms in Nederland als volgroeide rups of als pop.

 



Foto: Theo Groen



Andere uilen Soms blijkt de vlinder die je tussen de stengels ziet zitten enigszins af te wijken. De zilverkleurig vlek op de voorvleugel blijkt niet Y-vormig en loopt via een dunne lijn door tot aan de binnenrand van de vleugel.
Dan kijk je naar de getekende gamma-uil Macdunnoughia confusa. Ook deze soort wordt met enige regelmaat uit de Krimpenerwaard gemeld. De getekende gamma-uil komt verspreid over het hele land voor in jaarlijks wisselende aantallen. Uit het noorden komen minder waarnemingen dan uit de zuidelijke helft van het land. Ook deze soort kun je overal tegenkomen. Net als de gamma-uil is ook deze uil zowel overdag als 's nachts actief en bezoekt dan bloeiende planten. Ze vliegen van april tot oktober in drie generaties. De rupsen leven onder meer op brandnetel, dovenetel en kamille.

Waarnemingen doorgeven Om meer te weten te komen over deze soorten verzamelen we ook waarnemingen van deze uilen.
Mocht je ze de komende maanden op de vlinderstruik tegen komen of op andere bloeiende planten, laat het dan even weten aan Paul Schrijvershof: Dit e-mail adres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. . Alvast bedankt.

Referenties Vanholder, Bart e.a. (1995). De Belgische trekvlinders en dwaalgasten (10 jaar Belgisch trekvlinderonderzoek) Vlaamse Vereniging voor Entomologie, Antwerpen. Waring, P. & M. Townsend (2006). Nachtvlinders. Veldgids met alle in Nederland en Belgi� voorkomende soorten. Nederlandse vertaling, Tirion.