De VelduilDe velduil heeft veel weg van een ransuil. De uiterlijke verschillen zijn de kleine oorpluimen, soms zelf nauwelijks te zien. Verder heeft de velduil felle gele ogen met daarom heen een krans van donkere veertjes als ware oogschaduw. Bij vliegende velduilen valt op dat hun vleugelslagen erg diep zijn en dat de ondervleugel erg licht van kleur is. Op de ondervleugels contrasteren de donkere polsvlekken en de vleugelpunten. Op de onder- en bovenstaart bevinden zich ten opzichte van ransuilen brede donkere en scherpe banden.
Het verspreidingsgebied van de velduil is enorm. Alleen in Groenland, Australie en het zuiden van Afrika ontbreekt deze soort. Velduilen leven soms een soort van Nomadisch bestaan. Het broedgebied van een individuele velduil kan van jaar tot jaar wel duizend kilometer uit elkaar liggen. Vaak valt of staat dit met het voedselaanbod. Hier in Nederland staan ze op de Rode Lijst als schaarse tot zeer schaarse broedvogel met 35 tot 100 paar. Daarvan broeden de meeste vogel op de Wadden eilanden. Ze eten hoofdzakelijk woelmuizen, maar bij gebrek aan muizen eten ze ook kleine vogelsoorten. Een broedende velduil op het vogeleiland Griend voedde zich bijvoorbeeld voor bijna 70 % met bonte strandlopers.
Hier in de Krimpenerwaard broeden geen velduilen. Wel worden ze met enige regelmaat gemeld. Er zijn in de laatste jaren ongeveer 20 meldingen. Omdat jagende uilen in het daglicht misschien wel te vaak direct als velduil bestempeld worden is een vergissing met ransuilen niet uitgesloten. Sommige ransuilen kunnen bij veel nestjongen en weinig voedsel aanbod ook overdag op pad gaan om te jagen. Het is lastig maar probeer dus goed op de details te letten.
|