Pas in de 3
e week van april kwamen de landwerkzaamheden op gang inclusief de -dit jaar verplichte- mestinjecties in de grond. Voordeel dit jaar was het gespreide maaien waardoor veel nesten toch goed uit konden komen. Dit jaar werden de eerste ervaringen opgetekend met kieviten en maïsland. Leen van Ree, Carla Bunnik en Hennie van Buren vonden 12 kievitsnesten, 2 scholeksternesten en 1 tureluursnest op een perceel maïsland. Tevens kregen groep 6, 7 en 8 van een school uit Lekkerkerk hun eerste theorieles over weidevogels van juffrouw van Jaarsveld. Deze les werd gevolgd door een excursie met Leen en Carla in het weiland. Leen liet gelijk zien hoe er geringd wordt bij kievitkuikens.
Cock van Dam had dit jaar zijn handen vol: de startavond regelen, nieuwe vrijwilligers begeleiden, een nieuwe coördinator weidevogels inwerken, lezingen geven, rondleidingen verzorgen, 100 nestbeschermers maken (samen met Nico van Dam), wildredders kopen en uitdelen, vergaderingen bijwonen en ook nog weidevogelen. Voorwaar een jaar-rond bezigheid en zéér arbeidsintensief. Zijn inzet verdient alle respect.
Het jaar 1995 bracht ons goed weidevogelweer: mooi weer, niet te koud en weinig regen. Bovendien werd weer zeer gespreid gemaaid en gehooid. Dit jaar begon mevr. de Jong haar seizoen als weidevogelcoördinator en opvolgster van Cock van Dam. Een zware klus bleek het wel te zijn.
In 1996 was het in tegenstelling tot 1995 flink koud en droog. Het gras kwam pas laat aan de groei en veel nesten waren dus makkelijk te vinden. Een groot aantal eieren was ook al uit voordat er gemaaid werd. Inmiddels wordt er ook al met ruim 50 vrijwilligers gezocht bij zo´n 40 boeren. Er wordt al bijna 1000 ha. Krimpenerwaard beschermd. Dat er goed aan de zwarte sternen gedacht wordt merkten Bas Goemans en zijn maatje. Tijdens het weidevogelen bij hun boeren troffen ze 7 bezette nestvlotjes aan in de sloot. Het is echter onbekend wie ze had uitgezet. Ook Bert Pellegrom en Harm Blom hadden een unieke ervaring. Zij troffen een compleet gruttolegsel aan met 3 gewone eieren en 1 helblauw ei! De heren Fontijne, Zwijnen en van Mourik troffen nog 2 paren gele kwikstaarten broedend aan. Tijdens de inventarisatie in het Veerstalblok kwam Marcel Schildwacht nog een broedende bontbekplevier tegen.
In 1997 is er een wisseling van de wacht en een nieuwe opzet: Dick Anker en Leon Spek worden beide coördinator, de Krimpenerwaard wordt verdeeld in regio Oost en regio West en Ewald Schattenberg wordt secretaris (na jaren trouwe dienst mag ik Carla Zantinge opvolgen als verslaglegger).
Opvallend was het broedgeval van een scholekster tussen gebroken rode dakpannen op de grond gevonden door Cock van Dam. Voor het 2e opvolgende jaar hoorde dhr. Fontijne de kwartel tijdens het weidevogelen. Ook lagen er weer genoeg predatoren op de loer: een buizerd, kraaien, een wezel, een hermelijn en verwilderde katten.
Inventarisatie van het Veerstalblok gaf dit jaar een stijgende lijn van broedparen aan, vooral bij de grutto en de slobeend. De krakeend was ook weer terug met 2 broedparen.
De instroom van nieuwe vrijwilligers gaat jaarlijks door. Er waren in 1998 dan ook 70 vrijwilligers aan de slag, deels opgeleid via Landschapsbeheer, deels als nieuwkomer meelopend. De ledengroei van de vereniging bleef echter achter bij de vrijwilligerstoename. Omdat het daarentegen wel de bedoeling is dat de vrijwilligers die namens de NVWK aktief zijn, ook daadwerkelijk lid zijn is één en ander in 1998 nog eens nadrukkelijk onder de aandacht gebracht. Thans zijn dan ook alle in het weidevogelverslag vermelde vrijwilligers lid van de vereniging.
De verslagen van de laatste jaren bevatten veelal een interessant artikel, bijvoorbeeld in 1998: "De kunst om de kuikenfase te overleven", een aantal krantenknipsels en de inmiddels bekende "Wist je dat" rubriek met leuke wetenswaardigheden uit het betreffende seizoen. Ook worden de resultaten per bedrijf steeds inzichtelijker. Sommige dingen zijn echter bij het oude gebleven, zoals de getekende voorkanten van Hans Zantinge en de weerverslagen van de Krimpenerwaard door Harry Berkouwer. Zonder beide heren is een verslag niet compleet!
Vanaf 1999 worden de verslagen uitgebracht in "huisstijl": een ronde tekening op de kaft met daaromheen de tekst "Natuur- en Vogelwerkgroep de Krimpenerwaard". In 1999 wederom een wisseling van de wacht: Simon de Ligt volgt Leon Spek op als coördinator van het westelijke deel van de Krimpenerwaard. Ook in 1999 werden Jan en Nico de Vrij tijdens hun speurtochten in de polder Koolwijk aangehouden door de politie. Dit naar aanleiding van een melding over stropers in de polder. Gelukkig hadden beiden hun legitimatiebewijs en verenigingspasje bij zich. Tezamen met de (schriftelijke) toestemming van de veehouder voorkomt dit namelijk een hoop problemen.
Duidelijk is wel dat er de laatste jaren gelukkig van de kant van de politie meer aandacht is voor stroperij en eierrapers.
Een opmerkelijk feitje uit dit jaar was de vondst die Piet v.d. Woude deed bij dhr. Rijkaart: een compleet kievitsnest, met 3 gewone eieren en één exemplaar ter grootte van een mereleitje. Tevens vonden [Leen van Ree, Henny van Buren en Carla Bunnik bij de heren de Vos een (tam gefokte) broedende pijlstaart tussen de maïs. De eieren van deze eend zijn onder een broedmachine succesvol uitgekomen.
Het verslag wordt met het jaar fraaier: in 2000 zijn er voor het eerst kleurenfoto´s en tabellen in kleur te bewonderen. Belangrijker is echter de constatering dat steeds meer veehouders ook zelf oog krijgen voor weidevogelnesten. Dhr. H. van Dam, veehouder, heeft zelf 28 nestvlotjes uitgelegd voor de zwarte stern. Hiervan waren er 17 in gebruik. Minimaal 10 legsels waren succesvol maar waarschijnlijk ligt het aantal broedsuccessen nog wel hoger.
Ook blijkt duidelijk de voorkeur voor maïspercelen bij kieviten en scholeksters. Wanneer we de nestgegevens van het seizoen 2000 splitsen in grasland en maïsland, dan ziet de verdeling er als volgt uit:
| | totaal aantal gevonden nesten | op grasland (1650 ha.) | op maïsland (40 ha.) |
| Kievit | 453 | 352> | 101 |
| Grutto | 235 | 231 | 4 |
| Scholekster | 84 | 69 | 15 |
| Slobeend | 53 | 53 | 0 |
Op zich heel mooi maar laten we hopen dat er niet teveel maïspercelen komen in de polder want alles heeft naast voordelen ook nadelen (op de website www.nvwk.nl staat een notitie over de maïsteelt met al zijn voors en tegens).
Het verslag over 2001 is inmiddels verspreid onder de vrijwilligers en veehouders. Duidelijk is wel dat dit seizoen voor de vogels is meegevallen. De mensen en het vee hadden veel last van de MKZ-crisis maar voor de vogels was het een uitkomst: geen verstoring en geen bedreigingen door landwerkzaamheden. Dit kwam het aantal uitgekomen (kievits-)nesten ten goede. Het resultaat is naar verhouding niet slechter dan vorig jaar. De enige vogel die dit jaar problemen kende was de zwarte stern. Er waren weinig mogelijkheden om nestvlotten uit te leggen. Laten we hopen dat dit volgend jaar beter loopt.
Hierbij is het beeld compleet van 20 jaar weidevogelwerk. Rest mij nog te vertellen dat er op de website van de vereniging ook een weidevogelpagina is. Deze pagina is geheel up-to-date en zal nog aanzienlijk uitgebreid worden in de nabije toekomst. Een bezoekje waard voor geïnteresseerden.
Ewald Schattenberg.
(Alle gegevens zijn ontleend aan de weidevogelverslagen en tabellen van Rudi Terlouw, Carla Zantinge-Bunnik & Ewald Schattenberg).