Vogelfenologie 2001 Print
Geschreven door Ewald   
woensdag, 24 september 2008 11:30

 

Fenologie verslag van 2001

Harm Blom

De natuur en vogelwerkgroep Krimpenerwaard, het begint bijna een begrip te worden. Tijdens het schrijven van het verslag Fenologie 2001 bestaat de werkgroep al bijna 40 jaar! Een lange en respectabele tijd voor een vereniging die helemaal op vrijwillige basis draait.

Ook het Fenologie is al weer een lange 'traditie'. Al ongeveer 17 jaar wordt er in de Krimpenerwaard bijgehouden wanneer en hoeveel van bepaalde zomergasten terugkeren in onze polders. De eerste jaren werden een paar soorten steevast bekeken. Maar al snel werd het georganiseerd vanuit de werkgroep en werden de soorten fanatiek en enthousiast bijgehouden.

Zo ook dit jaar hebben vele vogelaars en natuurliefhebbers weer meegedaan en daar ben ik blij om. Zo blijft het mogelijk om de terugkeer van de zomergasten een beetje in kaart te brengen. Het is natuurlijk leuk om te kijken wie het beste heeft gevogeld of wie veel geluk heeft gehad. Maar het leukste is toch om na een aantal jaren te kunnen zeggen dat die en die soort dan en dan in onze waard ongeveer aankomen. Daarom is het juist zo belangrijk dat iedereen toch zijn of haar lijst zoveel mogelijk invult. Geen datum is te laat en geen gegevens betekend minder houvast voor het trekken van conclusies.

Dit jaar heb ik het iets anders gedaan dan vorig jaar. Ik beschrijf per soort de eerste datum en plaats van waarneming. Dit aangevuld met sommige opmerkingen en vergelijkingen. Aan het eind van het verslag geef ik een overzicht waarin weergegeven staat hoeveel punten elke deelnemer heeft gekregen! Punten zult u denken? Ja, voor elke soort die een waarnemer als eerste heeft gedaan krijgt men 2 punten en als men tweede is van het zien van een soort krijgt men 1 punt.

Veel plezier met het lezen van het fenologie verslag 2001 en ik hoop dat ik u een beetje kan aansporen om volgend jaar ook mee te doen. In het februari nummer van 2002 wordt het fenologie formulier weer bijgevoegd. Dan kunnen we bij het volgende jubileum terugkijken op een schitterend fenologie overzicht.

Met vriendelijke groet,

Harm Blom

 

De eerste waarnemingen:

Purperreiger (Ardea purpurea)

Met deze schitterende reigerachtige begin ik het fenologie overzicht. Op 29 maart werd er 1 vogel opgemerkt in polder de Nesse. De meeste Purper-reigers komen de polders binnen in de eerste twee weken van april. De 2e vogel werd opgemerkt in het Krimpenerhout en wel 1 dag later, op 30 maart.

Zomertaling (Anas Querguedula)

De eerste vogel van het jaar werd ontdekt in polder Middelblok. Hier was 1 vogel aanwezig op 7 maart. Alle andere waarnemingen kwamen ruim een week later. Vaak bleef het bij kleine aantallen en moet ik opmerken dat het steeds moeilijker word om in de Krimpenerwaard Zomertalingen waar te nemen.

Grutto (Limosa limosa)

Ook dit jaar werd de eerste Grutto weer gezien in de maand februari. Op 18 februari werd er 1 vogel gezien bij de Bergvlietse kade. De 2e waarneming werd gedaan bij de Surfplas te Krimpen op 23 februari. De grote aantallen werden gezien op 6 maart(resp. 30 ex.) en op 12 maart(resp. 68 ex.)

Tureluur (Tringa totanus)

De 1e Tureluur werd gezien op 19 februari in polder Bonrepas. Dit is de vroegste waarneming van de afgelopen 10 jaar. In 1991 werd de 1e vogel op 16 februari gezien. Er was nog een waarneming in februari en wel op de 27e bij de Surfplas te Krimpen. Daar waren 3 vogels aanwezig.

Zwarte Stern (Chlidonius niger)

De 1e Zwarte Stern werd gezien op 15 april te Kadijk. Daar werd 1 vogel foeragerend waargenomen. Opvallend was dat er dit jaar maar door 6 personen een datum is doorgegeven en drie van de zes kwamen van de Big Birding Day op 5 mei. Deze dag was nogal opvallend. Veel soorten werden op die dag gemeld.

Boomvalk (Falco subbuteo)

Op 6 april werd de 1e Boomvalk waargenomen op het Vlistereiland te Haastrecht. Deze datum is gelijk aan de afgelopen 2 jaar. De vroegste waarneming van deze valk is op 11 februari in 1989. De eerstvolgende Boomvalk werd gezien op 17 april in Krimpen a/d IJssel.

Visdief (Sterna hirundo)

Meestal worden de Visdiefjes die vroeg in onze waard aankomen alleen of in paartjes gezien. Zo ook dit jaar. Geen van de waarnemingen van het fenologie had betrekking op meer dan 2 exemplaren. De eerste Visdief werd gezien op 2 april te Kattendijk. Dit is in vergelijking met vorige jaren een normale datum. De 2e vogel werd gezien op 6 april bij de Surfplas te Krimpen waar 2 vogels aanwezig waren.

Koekoek (Cuculus canorus)

De Koekoek, een echte volksvoorjaarsvogel werd op 27 april voor het eerst gezien in het Krimpenerhout. De 2e werd gezien op 30 april in Berkenwoude. Dit is toch wel aan de late kant. Vanaf begin april is het goed mogelijk om deze vogel waar te nemen.

Gierzwaluw (Apus apus)

De eerste twee Gierzwaluwen werden gezien boven de dorpskern van Krimpen a/d IJssel op 19 april. Een dag erna, op april werden er 4 exemplaren gezien boven Haastrecht. De grote groepen die altijd zo schitterend gierend en scherend langs de gebouwen vliegen werden gemeld vanaf de laatste week van april. Op 27 april � 50 exemplaren in polder Hoek en � 30 exemplaren in Lansingh zuid te Krimpen.

Boerenzwaluw (Hirundo rustica)

De Boerenzwaluw was dit jaar weer enkele dagen later dan de afgelopen twee jaar de polder binnengevlogen. In 1999 was de datum 12 maart en in 2000 was het 19 maart. Dit jaar werd de 1e vogel opgemerkt bij Schaapjeszijde te Berkenwoude op 23 maart. Ook in polder Schuwacht werd er op deze dag 1 vogel opgemerkt.

Boerenzwaluw (Hirundo rustica)

De Boerenzwaluw was dit jaar weer enkele dagen later dan de afgelopen twee jaar de polder binnengevlogen. In 1999 was de datum 12 maart en in 2000 was het 19 maart. Dit jaar werd de 1e vogel opgemerkt bij Schaapjeszijde te Berkenwoude op 23 maart. Ook in polder Schuwacht werd er op deze dag 1 vogel opgemerkt.

Huiszwaluw (Delichion urbica)

De 1e zwaluw met de witte stuit werd gezien op 1 april te Benedenkerk en dat is geen grap. De meeste vogels werden gemeld vanaf de 3e week van april.

Oeverzwaluw (Riparia riparia)

Na een afwezigheid in het jaar 2000 was de Oeverzwaluw dit jaar meer terug dan ooit. Op 20 maart werden er 2 vogels gezien bij de Surfplas te Krimpen. Vijf dagen later werden door twee waarnemers 1 exemplaar gezien bij dezelfde plas. Op 31 maart werden er zelfs 8 vogels gezien. Het leukste nieuws was natuurlijk dat er bij Schoonhoven dit jaar 10-tallen paartjes gebroed hebben.

Blauwborst (Luscinia svecica)

Meestal worden de eerste Blauwborsten gemeld vanaf De Zaag. Dit jaar werd er 1 exemplaar waargenomen op 17 maart in het Doove gat te Haastrecht. Ook werden er op 3 datums Blauwborsten gemeld in het Krimpenerhout. Zeker doordat er op meerdere plaatsten gebieden worden heringericht ontstaan er steeds meer plekken waar deze schitterende vogel gezien kan en gaat worden. Het Krimpenerhout is daar een goed voorbeeld van.

Gele Kwikstaart (Motacilla f. flava)

De 1e Gele Kwikstaart werd dit jaar ruim 1 week vroeger waargenomen dan in het jaar 2000. Op 2 april werd er 1 vogel gezien in het Krimpenerhout. De 2e vogel werd op 15 april waargenomen in polder Kadijk. Deze datum komt overeen met voorgaande jaren.

Nachtegaal (Luscinia megarhynchos)

Na een afwezigheid van een jaar werden er dit jaar meerdere vogels waargenomen. De 1e vogel werd waargenomen op 3 mei te Tiendweg west in Lekkerkerk. Op 5 mei werden op de Zaag door alle BBD teams 2 vogels gehoord en gezien.

Zwarte Roodstaart (Phoeicursus ochruros)

De eerste Zwarte Roodstaart werd op 28 maart gezien bij de Opweg te Schoonhoven. Drie dagen later werd er 1 vogel gezien bij de Lekdijk te Ammerstol. Dit waren de enige data's die bekend zijn. In de Krimpenerwaard zullen er zeker meer doortrekken of tot broeden komen. Plaatsten als boerenerven en industrieterreinen zijn dan goede plekken om te kijken.

Gekraagde Roodstaart (Phoenicursus phoenicursus)

Alle Gekraagde Roodstaarten werden gemeld op de Zaag. Alle teams van de BBD zagen en hoorden meerdere vogels op 5 mei. Meestal kan men daar in eind april en mei meerdere zingende mannetjes waarnemen. Het hoge wilgenbos is meestal de plek om deze vogel te zien.

Paapje (Saxicola ruberta)

Dit jaar was de eerste waarneming van het Paapje een record. Was in 1994 de eerste gezien op 21 maart, dit jaar werd de eerste vogel gezien in polder Geer en Zijde op 16 maart. In mei werden nog 5 keer Paapjes gezien. Waaronder op 4 datums achter elkaar in mei.

Tapuit (Oenanthe oenanthe)

Het was 5 jaar geleden dat een Tapuit vroeg in april werd waargenomen. Er werd 1 vogel op de Tiendweg bij Ouderkerk waargenomen op 3 april. De 2e waarneming betrof 2 exemplaren op 30 april in polder Bonrepas. De gemiddelde datum voor de Tapuit ligt rond half april. Op 5 mei werden er zelfs 5 gezien in polder Hoek.

Sprinkhaanzanger (Locustella neavia)

De Sprinkhaanzanger is een vogel die eigenlijk pas sinds 2 a 3 jaar met meerdere paren broed in de Krimpenerwaard. In het Krimpenerhout zijn de afgelopen jaren en ook dit jaar meerdere territoriums van deze vogel vastgesteld. Alle waarnemingen kwamen hier vandaan. De 1e vogel werd ontdekt op 27 april. Er waren toen zelfs 4 exemplaren aanwezig. De 2e waarneming werd gedaan op 30 april van 3 exemplaren.

Snor (Locustella luscinioides)

De bekende plek voor Snorren was altijd het Doove gat te Haastrecht. Daar ging ikzelf 'vroeger' altijd kijken luisteren naar de Snor. Dit jaar kwam daar geen enkele waarneming vandaan. Triest maar waar. Des te leuker was het om te horen dat er Snorren dit jaar gebroed hebben in het Krimpenerhout. De 1e vogel werd gemeld op 10 april en wel in de Berkenwoudse Boezem, jaja, toch nog ergens anders. De 2e vogel werd waargenomen op 22 april en wel in het Krimpenerhout. Tot diep in mei heeft 1 vogel zich daar schitterend laten horen.

Kleine Karekiet (Acrocephalus scirpaceus)

De 1e 2 vogels werden gezien op 23 april in de Berkenwoudse Boezem. Ook de 2e waarneming werd hier gedaan op 30 april. Dit zijn de normale tijden dat de eerste Karekieten weer gezien worden.

Rietzanger (Acrocephalus schoenobaenus)

Wederom werd de 1e vogel gezien in de eerste week van april. Op 7 april werd de eerste vogel waargenomen in de Put van Mudde in het Loetbos. De 2e waarneming betrof op twee plaatsen, 2 ex. Bij de Graafkade en 2 ex. In het Krimpenerhout.

Bosrietzanger (Acrocephalus palustris)

Er waren dit jaar 4 datums ingestuurd. De 1e werd waargenomen in wederom het Krimpenerhout. Op 10 mei wederdom hier 2 exemplaren ontdekt. Ook de 2e waarneming werd hier gedaan en werd er 1 vogel gezien op eveneens 10 mei. Leuk was de vogel bij L.van Ree die een vogel waarnam op 26 mei.

Spotvogel (Hippolais icterina)

De 1e Spotvogel werd relatief laat waargenomen. Ruim een week later dan normaal werd er 1 vogel op 4 mei waargenomen in polder Achterbroek. Op 5 mei werden er 2 exemplaren gezien in het Krimpenerhout.

Braamsluiper (Sylvia curruca)

Er waren dit jaar vier waarnemingen ingestuurd. Op 17 april werd de 1e vogel waargenomen in Willige Langerak. De eerste waarnemingen daarna vonden beide plaats op 5 mei. 1 exemplaar werd gezien op de Zaag en 1 bij de Lekdijk t.h.v. Bergembacht.

Grasmus (Sylvia communis)

De 1e vogel werd op dezelfde datum waargenomen als in 2000. 1 vogel werd ontdekt op 27 april in Lansingh zuid. Alle andere waarnemingen betroffen 1 of 2 exemplaren in het Krimpenerhout. Waaronder 4 keer op de BBD. Zeker door de aanleg van het Krimpenerhout komt de vogel steeds vaker voor.

Tuinfluiter (Sylvia borin)

Vorig jaar werd de eerste vogel waargenomen op 8 april. Dit jaar kwam de eerste op 9 april en wel in het Loetbos. De Tuinfluiter is een aparteling. Er valt uit het archief niet echt goed op te maken wat nou de beste tijd is om naar deze merelachtig zingende schoonheid te kijken. Dan weer in april en dan weer in maart.

Zwartkop (Sylvia atricapilla)

Bijna alle Zwartkoppen werden de afgelopen jaren gezien vanaf de 2e week van maart. Dit jaar werd de 1e gezien op 28 maart in Schoonhoven. Er waren twee waarnemingen als 2e. 1 exemplaar op 1 april te Krimpen a/d Lek en 1 exemplaar te Schuwacht.

Tjiftjaf (Phylloscopus collibita)

De Tjiftjaf vind ik een moeilijke soort voor het Fenologie. Vanaf januari zie je vaak al Tjiftjaffen. Vanaf februari steeds meer en in maart vallen ze zowat niet meer op. Wat zijn nou overwinteraars en wat zijn nou trekvogels. Ik hou de grens altijd maar een beetje eind februari, als ze zingend worden waargenomen. Er was dit jaar 1 Tjiftjaf die gevangen werd in Schuwacht. Op 16 februari vloog deze vogel een netje in. Op 7 maart was er een zingend exemplaar aanwezig in Krimpen a/d IJssel.

Fitis (Phylloscopus trochillis)

Dit jaar deed de Fitis het erg goed in de Krimpenerwaard. Tijdens de inventarisaties die gehouden zijn in het Krimpenerhout was de Fitis de nummer 1. De eerste vogel werd gezien op 13 maart in Stolwijk. 1 dag later werd er 1 vogel waargenomen in het EZH bos.

Grauwe Vliegenvanger (Muscicapa striata)

De Grauwe Vliegenvanger word gemiddeld gezien in de laatste week van april. Zo ook dit jaar. De 1e vogel werd gezien op 30 april in Bonrepas. Er waren maar twee vervolg datums. Op 5 mei 1 vogel in wederom Bonrepas en op 8 mei 1 vogel in Gouderak.

Bonte Vliegenvanger (Ficedula hypoleuca)

Na een afwezigheid van 1 jaar werd er dit jaar 1 exemplaar gezien in het Bisdombos van Vlist te Haastrecht. Op 4 mei was deze vogel hier mooi te bewonderen. De Bonte Vliegenvanger is een onregelmatige gast voor onze waard. Ook in de polders richting het westen komt de soort schaars voor.

Zomertortel (Streptopelia turtur)

De enigste Zomertortel werd wederom gezien door Cor Oskam op 21 mei te Willige Langerak. Ook vorig jaar zag Cor deze vogel als enige, samen met Rob van Straaten op 11 mei in Polder Hoek. De Zomertortel is een schaarse doortrekker van onze waard. Er zullen zeker exemplaren gemist worden. Leuk was om te horen dat er in het najaar een exemplaar aanwezig was in Eendekooi Bakkerswaal.

Kneu (Carduelis cannabina)

Dit jaar werden er 5 datums ingestuurd van waarnemingen van deze vogel. Ook vorig jaar waren er 5 keer Kneuen gezien. Op 30 maart werden er door twee waarnemers Kneuen gezien in het Krimpenerhout. De laatst ingezonden waarneming was op 16 juni van 1 exemplaar in Schuwacht. Gelukkig vond de waarnemer het niet te laat en heeft de lijst ingevuld met al de eerste waarnemingen.

Wielewaal (Oriolus oriolus)

Er waren dit jaar wederom geen waarnemingen van de Wielewaal. In 1999 werd deze prachtige vogel voor het 'laatst' gezien in het Loetbos.

Kemphaan (Philomachus pugnax)

De 1e Kemphanen werden 2 weken later gezien dan vorig jaar. Dit jaar werden er 4 exemplaren gezien op 17 maart in Polder Keulevaart, 10 ex. in polder Bonrepas, 2 ex. bij Bergeambacht en 16 exemplaren in polder Keulevaart. Op 6 mei werden er zelfs 40 gezien boven polder Schuwacht.

Regenwulp (Numenius phaeopus)

Er werden dit jaar 2 vogels gezien in maart. Op de 22e werden twee vogels gezien in Polder Geer en Zijde. De andere vier ingezonden datums hadden alle betrekking op waarnemingen in april.

Zwarte Ruiter (Tringa erythropus)

Opvallend was de Zwarte Ruiter die gezien werd op 17 maart in polder Keulevaart door twee waarnemers. Dit is de vroegste waarneming ooit. Voorheen was dat 25 maart. Ook in Willige Langerak werden door twee waarnemers een Zwarte Ruiter gezien in de maand mei.

Groenpootruiter (Tringa nebularia)

Er werden drie waarnemingen ingestuurd. Op 19 april was er 1 vogel aanwezig in polder Bonrepas. Op 27 april was er 1 exemplaar in polder Keulevaart aanwezig en op 5 mei werd een Groene gezien in polder de Nesse.

Witgat (Tringa ochropus)

De Witgat was slecht vertegenwoordigt. Er werden maar 4 exemplaren gezien. De 1e werd gezien in het Krimpenerhout op 2 april. Op 23 april werden 2 vogels waargenomen in polder Oostvlisterdijk. De vroegste waarneming ooit was op 4 maart 1999.

Bosruiter (Tringa glareola)

Er werden dit jaar 4 exemplaren gezien in polder Keulevaart op 10 mei. De doortrek van Bosruiters concentreert zich in Nederland in de maand mei. In de Krimpenerwaard komen er elk jaar wel enkele vogels langs. Maar de aantallen blijven altijd tamelijk klein.

Oeverloper (Achites hypoleucos)

De 1e waarneming van de Oeverloper werd heel laat gedaan. De 1e werd gezien bij de Surfplas Krimpen op 26 april. Dit is een maand later dan in 2000.

Bonte Strandloper (Calidris alpina)

Deze broeder van het hooggebergte in het verre noorden werd dit jaar twee keer gezien in onze polder. Op 17 maart werd er 1 exemplaar gezien in polder Keulevaart. Op 25 maart werden er 2 vogels gezien bij de Surfplas te Krimpen. Elk jaar worden er wel Strandlopers waargenomen in de waard. Goede plekken zijn de Vogelplas Middelblok en natte akkers.

Kleine Plevier (Charadrius dubius)

Op 27 april werd er 1 exemplaar gezien in her Krimpenerhout. In mei hebben er twee paartjes gebroed in Willige Langerak bij de afgravingen die daar plaatsvonden.

Lepelaar (Platalealeucorodia)

Er werden dit jaar redelijk wat Lepelaars gezien. In Nederland gaat het ook nog steeds erg goed met deze schitterende vogel die in het engels letterlijk lepel genoemd wordt(Spoonbil). Op 23 maart vloog er een vogel over het Krimpenerhout. Daarna werden er nog drie keer Lepelaars gezien. Op 15 maart 2 ex. bij polder Kadijk. Op 25 april vloog er 1 vogel over Gouderak en op 6 mei zelfs 12 exemplaren over Bonrepas.

Boompieper (Anthus trivialis)

Een onbekende doortrekker voor onze waard. Marcel Schildwacht was de gelukkige om 22 exemplaren te herkennen die op 23 april over Gouderak vlogen.

Grauwe Kiekendief (Circus pygargus)

Op 10 mei vloog een schitterend mannetje over het Krimpenerhout. Grauwe Kiekendieven zijn zeldzame gasten voor onze waard. In de Alblasserwaard en in de polders rond IJsselstein werden dit voorjaar ook meerdere Grauwe Kiekendieven gezien.

Bonte Koeien

Wat ik wel een leuke afsluiting vind over het jaar 2001 is dat er rond 30 april weer koeien in de wei stonden. Ikzelf was het gehele voorjaar op stage in Bargerveen. Daar heb ik wel te maken gehad met de MKZ crisis. Staatsbosbeheer had er de handen aan vol. Wat ik dan zag als ik in weekend naar huis kwam waren lege weilanden, geen koe te bekennen. Het voorjaar vond ik pas compleet nadat ik Grutto's zag en hoorde die bij de koeien stonden. Gelukkig maar dat de boeren in de Krimpenerwaard er 'niet' mee te maken hebben gehad.

Rode Wouw (Milvus milvus)

Er werd dit jaar 1 Rode Wouw gezien. Op 12 mei werd een jong exemplaar waargenomen boven Krimpen a/d IJssel.

Zwarte Wouw (Milvus migrans)

Er werden dit jaar maar liefst 4 exemplaren waargenomen. 2 vogels door de voorzitter op 23 april en 6 mei in polder Bonrepas. Op2 mei werd een vogel gezien bij het Doove gat te Haastrecht en op 15 mei werd een vogel zwevend gezien boven het Krimpenerhout.

Persoonlijke scores

Hieronder een overzicht van het resultaat van de deelnemers die meegedaan hebben aan het Fenologie. Elke deelnemer krijgt punten voor haar of zijn score. Een soort als 1e zien is 2 punten waard en een soort als 2e zien is 1 punt waard.

Naam deelnemer Aantal punten Aantal soorten als 1e Aantal soorten als 2e
C.Oskam43187
A.Dorsman24710
M.Schildwacht1959
H.Blom14210
E.Boudesteyn1353
A en H Gazan1135
L.Groen1151
P.Schrijvershof1042
M.Anker824
L.van Ree622
H.de Jager521
P.Berger412
B.van Vliet412
M.Spruit311

Zoals iedereen kan aflezen uit het bovenstaande overzicht is Cor Oskam voor het tweede achtereen volgende jaar de Fenoloog geworden. Cor, gefeliciteerd met het behouden van je meest gewilde titel.

Dit alles kon natuurlijk niet gemaakt worden zonder de medewerking van actieve leden! De volgende personen hebben meegedaan aan het Fenologie 2001:

Fam. Boer, Anneke en Henk Gazan, H. de Jager, C. de Jong-Heuvelman, M. Spruit, E. Boudesteyn, Paul Schrijvershof, P. Berger, B. van Vliet, L. van Ree, C. Oskam, M. Schildwacht, A. Dorsman, L. Groen, M.J. Anker, H. Blom.

Ik wil iedereen hierbij bedanken voor het inzenden van hun Fenologie formulieren. Bedankt!! Ook wil ik hierbij M. Schildwacht bedanken voor nuttige op- en aanmerkingen over het verslag.

 

 

Laatst aangepast op woensdag, 24 september 2008 11:35